verbond belangenhartiging vervolgingsslachtoffers

Wordt donateur
4 april 2012

Petitie aangenomen op de Algemene ledenvergadering van het VBV

Onderstaande petitie werd heden 4 april 2012 aangeboden aan de Staatssecretaris van Financiën, de heer Frans Weekers.

Petitie:

Wij, leden en bestuur van het Verbond Belangenbehartiging Vervolgingsslachtoffers in vergadering bijeen op 1 april 2012,
constateren:

• dat de Duitse overheid smartengelden volgens Artikel 2 van de Claims Conference uitkeert aan daartoe gerechtigde holocaustoverlevenden,
• dat de Duitse overheid deze smartengelden in Duitsland geheel vrijstelt van fiscalisering en/of heffingen,
• dat in Nederland deze smartengelden volgens Artikel 2 evenmin in de heffing van de inkomstenbelasting worden betrokken,
• dat deze echter wel worden onderworpen aan premieheffing volksverzekeringen,
• dat deze derhalve wel meetellen bij de bepaling van het toetsingsinkomen,
• dat daardoor de nog steeds zeer kwetsbare doelgroep van holocaustoverlevenden financieel ernstig wordt gedupeerd,
• dat de CDA-fractie van de Tweede Kamer voor de bedoelde groep op de bres is gesprongen,
• dat de Staatssecretaris van Financiën zich in deze strikt volgens de letter en niet naar de geest van de wet wenst op te stellen,
• dat hij niet zijn wettelijk toegestane bevoegdheden of mogelijkheden wil gebruiken om de smartengelden volgens artikel 2 geheel te defiscaliseren,
• dat hij daardoor deze door de Duitse belastingbetaler opgebrachte vergoeding alsnog vrijwel geheel, in sommige gevallen zelfs geheel in de Nederlandse staatskas wenst te laten vloeien,
• dat hij daarmee de intentie van de Duitse overheid tot hun ongenoegen frustreert en geheel teniet doet en
• dat de Staatssecretaris zich in deze kwestie even hard en kil wenst op te stellen t.o.v. de holocaustoverlevenden gelijk aan de houding van de Nederlandse overheid in de jaren direct na WOII.

Verzoeken de Nederlandse regering en/of de Staatssecretaris van Financiën:

• het ingediende request van de CDA-fractie van de Tweede Kamer te honoreren,
• de wettelijke toegestane mogelijkheden te gebruiken,
• terug te komen op eerdere opvattingen en interpretatie t.a.v. van deze smartengelden volgens Artikel 2,
• volgens het gelijkheidsprincipe in de belastingwetgeving deze smartengelden te behandelen zoals alle andere smartengelden en
• deze door de Duitse belastingbetalers beschikbaar gestelde vergoedingen aan holocaustoverlevenden geheel te defiscaliseren zoals dit eerder in alle betrokken EU-landen is geschied.

Amsterdam, 1 april 2012